Snurken

Snurken is het geluid dat voorkomt van het trillen van de slijmvliezen in de keelholte. Wanneer u inademt, stroomt er lucht via uw neus of mond langs de ruimte achter het zachte gehemelte, de achterzijde van de tong en het strotteklepje naar de luchtpijp. Onder normale omstandigheden zorgen de spieren van keelholte ervoor dat de bovenste luchtweg open blijft. Indien op een of meerdere plaatsen in dit traject de luchtweg vernauwd is doordat de spieren tijdens de slaap ontspannen, brengt de geademde lucht de weefsels in trilling, waardoor het snurkende geluid ontstaat.
Snurken wordt meestal meer als storend ervaren door de partner. Soms is het snurken zo luid dat men gescheiden moet slapen van de partner, wat men sociaal invaliderend snurken noemt.

OBSTRUCTIEF SLAAPAPNOESYNDROOM (OSAS)

Wanneer de bovenste luchtweg (neus/keelholte) zodanig vernauwd is dat de luchtweg volledig dichtvalt, zal er tijdelijk geen luchtstroom zijn doorheen de bovenste luchtweg naar de longen. Op dat moment spreekt men van een apnoe. Ook gedeeltelijke onderbrekingen in de luchtstroom doorheen de bovenste luchtweg kunnen zich voordoen,  wat een hypopnoe wordt genoemd.
In dat geval spreekt men over obstructief slaapapnoe (OSA). Ademhalingsstops kunnen ook het gevolg zijn van een verminderde prikkeling vanuit de hersenen. In dat geval spreekt men van central slaapapnea (of CSA). Centraal slaapapnoe komt minder frequent voor.
De onderbrekingen van de luchtstroom geven aanleiding tot een verminderde zuurstoftoevoer naar het bloed. Dit zuurstofgebrek kan indien frequent aanwezig aanleiding geven tot belangrijke gezondheidsrisico’s op langere termijn, zoals hart- en vaatziekten. Bovendien zal de slaap verstoord worden door regelmatige (micro)ontwakingen gedurende de nacht, met mogelijk vermoeidheid en concentratiestoornissen tot gevolg. De vermoeidheid kan zodanig uitgesproken zijn dat u overdag kan in slaap vallen op rustige momenten zoals bij televisie kijken, maar ook tijdens activiteiten zoals autorijden.

DIAGNOSE

Om na te gaan of u enkel snurkt of ook aan een slaapgebonden ademhalingsstoornis lijdt, zoals het obstructief slaapapnoesyndroom, dient een verdere oppuntstelling te gebeuren. Naast een grondig NKO – onderzoek, zal een slaaponderzoek of polysomnografie gepland worden in het slaapcentrum.

Polysomnografie
Dit onderzoek houdt in dat u 1 nacht in het slaapcentrum komt slapen, waarbij de volgende factoren gemeten worden:
-    hersenactiviteit (EEG) en oogbewegingen (EOG)
-    luchtstroom
-    zuurstofwaarde in het bloed
-    snurken
-    lichaamsbewegingen

Het resultaat van het slaaponderzoek wordt uitgedrukt in het aantal ademstilstanden (apneus) of sterk verminderde ademhalingen (hypopneus) die u heeft per uur dat u slaapt. Dit is de apneuhypopneu index of AHI.

Wanneer er naast de vaststelling van AHI ≥ 5/uur, ook klachten zijn van vermoeidheid of slaperigheid overdag wordt er van een slaapapnoesyndroom gesproken.

BEHANDELING

Het doel van de behandeling van OSA is het wegnemen van de ademhalingsstops tijdens de slaap, en de klachten van vermoeidheid en slaperigheid overdag. Bij de behandeling van OSA worden vaak verschillende specialisten betrokken (multidisciplinaire aanpak).

De keuze van de behandeling wordt mee bepaald door de ernst van de klachten en de resultaten van het slaaponderzoek (AHI). Bovendien zal gebruik gemaakt worden van een aanvullend onderzoek indien OSA aanwezig is. Een slaapendoscopie zal in dat geval gepland worden. Bij dit onderzoek zal u onder een kort roesje gebracht worden (op het operatiekwartier), en zal er met een camera doorheen de neus gekeken worden op welk niveau van de bovenste luchtweg er een vernauwing aanwezig is wanneer u snurkt en/of ademhalingsstops doet en slaapt. Op basis van deze bevindingen kan dan een gerichte behandeling voorgesteld worden.

Algemene maatregelen

Voor alle patiënten met snurken of OSA zijn een aantal algemene maatregelen aangewezen. Bij licht OSA kunnen deze maatregelen soms al voldoende zijn, en is er geen aanvullende behandeling nodig. Dit zal dan met u besproken worden.

Aanbevolen is:
-    Te vermageren bij overgewicht of obesitas
-    ’s avonds geen alcohol te drinken
-    te stoppen met roken
-    geen slaapmedicatie of kalmerende middelen in te nemen

Indien het snurk- of OSA probleem zich voornamelijk in ruglig voordoet (houdingsgebonden), kan positietherapie mogelijk een oplossing zijn. Hierbij is het de bedoeling om met een houdingstrainer het slapen op de rug te vermijden.


CPAP behandeling

Continuous Positive Airway Pressure heeft tot doel de luchtweg continu op te houden tijdens de slaap door een continue positieve luchtdruk in de luchtweg te pompen via een maskertje op neus en/of mond gedurende de slaap. Deze behandeling wordt voorgeschreven door de longarts, en is aanbevolen (en terugbetaald) voor patiënten met matig ernstig OSA (oAHI ≥ 15/u).

Mandibulair Repositieapparaat (MRA)

Een MRA is een mondbeugel die enkel gedragen wordt gedurende de nacht, en tot doel heeft de onderkaak naar voor te brengen t.o.v. de bovenkaak. Hierdoor kan de luchtweg gedurende de slaap verbreed worden waardoor er minder snurken of apnoe’s kunnen optreden. Een MRA dient aangemeten te worden door de MKA arts of tandarts met expertise hierin. Deze behandeling is tevens terug betaald voor patiënten met een oAHI ≥ 15/u op polysomnografie.

Heelkundige behandeling

Een gerichte chirurgische behandeling kan voorgesteld worden op basis van de bevindingen tijdens de slaapendoscopie. Hierbij kan er een ingreep uitgevoerd worden op het niveau van de neusholte, de keelholte en/of t.h.v. de hals.


-  Neusoperaties:

Neusverstoppingsproblemen komen vaak voor bij mensen die snurken of aan OSA lijden. En ingreep t.h.v. de neus kan de neusdoorgankelijkheid verbeteren, maar heeft veelal slechts een beperkt effect op het snurken of ademhalingsstops.

Mogelijke ingrepen:
-    behandeling van gezwollen neusslijmvlies (verbranding of gedeeltelijk wegnemen)
-    septoplastie: neustussenschotcorrectie bij scheefstand van het neustussenschot
-    behandeling van de sinussen
 

-  Keeloperaties:

Wanneer het snurken of de ademhalingsstops veroorzaakt worden door afwijkingen t.h.v. de keelholte kan een ingreep aangewezen zijn. Frequent is er een smalle keelholte aanwezig door bijvoorbeeld grote keelamandelen, lange huig of laag zacht verhemelte.
Mogelijke ingrepen:
-    lokale behandeling van het zachte verhemelte (d.m.v. radiofrequente energie)
-    tonsillectomie of wegnemen van de keelamandelen
-    uvulectomie of wegnemen van de huig
-    uvulopalatopharyngoplastie (UPPP): hierbij wordt het slijmvlies t.h.v de zijkanten van de keelholte samen met een gedeelte van het zachte verhemelte en de huig weggenomen. Het resterende slijmvlies wordt opgespannen waardoor de keelholte verbreed wordt.


‘Radiofrequency-induced thermotherapy’ of kortweg RFITT.  

Wat is RFITT?

Radiofrequente behandeling van het zachte verhemelte heeft tot doel deze structuur stijver te maken door verlittekening, waardoor de kans op trilling en snurken dus vermindert. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van temperatuur gecontroleerde radiofrequente energiegolven wat lokaal het weefsel verhit. Hierdoor ontstaat een gecontroleerd litteken in het weefsel, onder het slijmvlies.


Hoe wordt RFITT uitgevoerd?

De behandeling kan op de consultatie uitgevoerd worden na lokale verdoving van de keelholte. Hierna zal de radiofrequentie naaldsonde (dunne naald) op verschillende plaatsen in het zachte verhemelte geplaatst worden, waarna de radiofrequente energie lokaal toegediend wordt. De behandeling duurt slechts enkele minuten.
Indien er een grote huig aanwezig is, kan deze tijdens de behandeling ook ingekort worden waardoor deze minder kan trillen en de keelholte vergroot wordt. Dit gebeurt door een bijkomende ProCut behandeling, waarbij een stukje van de huig wordt gesneden.

Hoe verloopt de behandeling?

Vooraf:
Er dienen vooraf aan de behandeling geen speciale maatregelen getroffen te worden. U dient niet nuchter te zijn.

Procedure:
Voor de lokale verdoving van het verhemelte en de huig wordt gebruik gemaakt van een inspuiting van het verdovingsproduct in het zachte verhemelte. Deze procedure is vergelijkbaar zoals bij de tandarts. Hierna kan de behandeling uitgevoerd worden zoals hierboven beschreven.

Na de behandeling:
Onmiddellijk na de behandeling kan u onmiddellijk het ziekenhuis verlaten.

- Voeding: uw keel zal nog verdoofd aanvoelen, dit gewoonlijk tot een uur na de inspuiting. Het is dan ook af te raden het eerste uur na de behandeling te eten of te drinken.
- Pijn: de eerste dagen kan u wat keelpijn hebben. Hiervoor kan u paracetamol innemen (max. 4x1g/d), zo nodig ibuprofen (max 3x600mg/d tenzij er tegenindicaties zijn).
- Stemgebruik: u kan uw stem onmiddellijk gebruiken na de behandeling. Toch kan de milde zwelling (van voornamelijk de huig) toenemen door intensieve stembelasting. Dit wordt de eerste 48u na de behandeling dan ook afgeraden.
- Snurken: het snurken kan de eerste dagen wat toenemen door zwelling van het behandelde weefsel, nadien treedt verlittekening op. De zwelling is het meest uitgesproken 2-3 dagen na de behandeling. Het effect van behandeling kan men verwachten na 4-6 weken.


Te verwachten resultaat

Doel van de behandeling is het snurken te verminderen. Om de kans op succes te verhogen wordt een 2de en eventueel 3de sessie gepland na een tussenperiode van 6 weken. Zes weken na de laatste behandeling kan het resultaat geëvalueerd worden.
 

Powered by CuteNews